Klassieke vormen in nieuwe jas
Jan de Cock, Randschade Fig.7, Denkmal no. 15
De houten bouwsels van De Cock fungeren als Denkmäler, als monumenten of gedenktekens voor zijn ideeën. Vlakken en blokken van hout en fineer in sobere kleuren bepalen hoe je door de tentoonstellingsruimte kan lopen en waar je naar kijkt.
-
Jan De Cock, Randschade Fig. 7 Denkmal no.15 -
Foto Gert Jan van Rooij
Ik ben met dezelfde principes bezig als Piet Mondriaan, alleen gebruikte hij het canvas als kader, en ik schilder met hout in de ruimte. Jan de Cock 1
De titel Randschade is een vertaling van de Engelse oorlogsterm 'collateral damage', waarmee onbedoelde slachtoffers en aangebrachte schade wordt aangeduid. Met dit begrip in gedachten tast de Belgische kunstenaar Jan De Cock de grenzen af van ideeën binnen de westerse kunstgeschiedenis, met name die van de 18e- en 19e-eeuwse romantiek en het 20e-eeuwse modernisme van kunstenaars als Piet Mondriaan, Theo van Doesburg, Kazimir Malewitsj en El Lissitzky.
De houten bouwsels staan midden in de tentoonstellingsruimte, zijn dwars op muren geplaatst of lijken net decors uit een film of theaterstuk. Er moet steeds een hindernis worden genomen die prikkelt om het volgende te willen zien. Vergelijkbaar met de neiging die je kan hebben bij een film om achter het doek te willen kijken en de niet-getoonde of volgende scène te zien. Hiermee wil De Cock duidelijk maken dat musea meestal een voorspelbare wandelroute voor hun bezoekers uitstippelen, maar dat deze route met simpele ingrepen in de ruimte al veel spannender kan worden gemaakt.
De nadruk van De Cock op de voortzetting van de westerse kunstgeschiedenis en het inzetten van filmische middelen zijn niet de enige tijdlijnen die hij in zijn werk uitzet. Hij speelt met het bekijken en bekeken worden. Niet alleen omdat bezoekers elkaar in real-time begluren, maar ook omdat zij op foto's de bezoekers uit de vorige tentoonstellingen kunnen zien. Dit maakt dat deze foto's op hun beurt als monumenten gaan werken voor de tijdelijke houten bouwsels. De foto's zijn hierom geen verslaglegging van een vorige tentoonstelling, maar het zijn opzichzelfstaande kunstwerken die voortkomen uit de eerdere houten installaties van De Cock.
Jan de Cock, 1976, Brussel, België
Randschade Fig. 7, Denkmal no. 15, 2002
duratrans in lichtbox
5 delen, elk 60 x 75 cm, editie 2/2
aankoop 2002, Museum De Paviljoens
1. M. den Breejen, "In de traditie van Mondriaan en Malevitsj". Het Parool, 6 september 2002
Reacties
Schouwburg