Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

Kunstenaar 10

Maja van Hall

Sloofje (1967), Jurriaan bij de kapper (1964)

Domestic work still figures as the work that is not really work, unless you can afford to pay someone to do it for you. Marina Vishmidt

“Ik heb lang gevochten tegen de versnippering die het leven van een vrouwelijke kunstenaar vaak noodgedwongen met zich meebrengt”, merkte Maja van Hall op. En ze deed precies wat doorzetters ons altijd voorhouden: je kracht maken van je tekort.

Ze overwon daarmee niet alleen de tijd. Door te kiezen voor een bescheiden formaat en een thematiek die niet bepaald als groots en meeslepend werd beschouwd, gaf zij hiermee ook aan lak te hebben aan de knellende normen en waarden, en vooroordelen (klein en fijn is zaak des kunstenaars) van de gevestigde kunstwereld. Van Hall’s vrouwfiguur die stofzuigt, heeft niets met het celebreren van het banale of met joyeuze sensualiteit van doen, het heeft geen fetisjistische allure zoals Popart werken. Het is een realistisch tafereel dat dusdanig is geïsoleerd en uitvergroot, dat het verder strekt dan relativering alleen. Het confronteert ons met datgene wat we liever niet willen zien. Daar tussen de plooien van de rok ligt het ongezegde en onzichtbare dat zich niettemin een weg naar buiten baant door de gebogen rug: die ‘damned’ vastgeroeste rolpatronen.

Mirjam Westen in de oeuvrecatalogus Maja van Hall (Monografie van het Sculptuurinstituut, 2012)

De Nederlandse identiteit? Half suiker, half zand. De recente geschiedenis door de ogen van mister Motley. Hanne Hagenaars (oprichter en hoofdredacteur mister Motley) deelt deze werken in bij lemma 45 uit de Nederlandse canon: 'Annie M.G. Schmidt. Tegendraads in een burgerlijk land.'

Maja van Hall
Sloofje (1967)

Jurriaan bij de kapper (1964)
Privé-collectie

Website Maja van Hall

Bijdragen
Reacties